Artikelen over zoekmachine optimalisatie

Hieronder vind je alle artikelen die ik geschreven heb over zoekmachine optimalisatie:


Handleiding: Zoekmachine Optimalisatie (SEO) voor Flash websites

Hoe optimaliseer je een website die is gebouwd in Flash voor zoekmachines? Dat is een vraag die veel blijft terugkomen binnen zoekmachine optimalisatie (SEO).

Deze handleiding geeft antwoord en biedt hulp bij zoekmachine optimalisatie of SEO voor Flash websites:

Lees de volledige handleiding over zoekmachine optimalisatie (SEO) voor Flash websites.

7 Zoekmachine Optimalisatie technieken die niet meer werken in 2008

De ontwikkelingen in zoekmachinemarketing, en zeker zoekmachine optimalisatie, gaan hard. Heel hard. Bruikbare toepassingen en methodes wisselen elkaar snel af en een “oude” succesvolle werkwijze kan opeens zelfs negatieve effecten hebben.

Google heeft in 2007 een aantal belangrijke wijzigingen doorgevoerd, waardoor enkele veelgebruikte technieken in zoekmachine optimalisatie niet of minder goed bruikbaar zijn. Brett Borders heeft 7 zoekmachine optimalisatie technieken beschreven die 2008 niet haalden. Aangevuld met mijn mening en visie ontstaat de volgende lijst:

1. Wederzijdse (reciprocal) links

Vanaf mei 2007 hebben een aantal websites een forse teruggang gezien in hun posities in de zoekresultaten. In de meeste gevallen ging het om een teruggang van minimaal 30 posities, waardoor het de naam “-30 penalty” heeft gekregen. Het bleek in de meeste gevallen te gaan om websites die leunden op reciprocal links.

Dat betekent NIET dat reciprocal links niet meer werken, maar de waarde van wederzijdse links is verminderd. Als de link relevant is, met name voor je bezoekers, adviseer ik zeker om een wederzijdse link te plaatsen.

2. Het commando voor de supplemental index

De supplemental index is een tweede Index van Google, een soort archief als het ware, met minder belangrijke pagina’s, bedoeld om de “Main” index snel en vers (actueel) te houden en om meer webpagina’s te kunnen indexeren. Een zoekresultaat uit de supplemental index bevatte de toevoeging ‘Toegevoegde zoekresultaten’ of ‘Supplemental Result’.

Tot medio 2007 was het mogelijk om pagina’s die in de Google supplemental index zaten te bekijken. Het verschil tussen de Main en de Supplemental index werd echter steeds kleiner en het label toegevoegd zoekresultaat verdween. Onlangs is de supplemental index in de main index geïntegreerd.

3. Links van directories (gidsen)

Het verkrijgen van links van directories (gidsen zoals Startpagina), al dan niet betaald, is jarenlang gebruikt om de linkpopulariteit te verhogen en hogere posities te realiseren.

Google heeft in 2007 een behoorlijk aantal directories van lage(re) kwaliteit minder waarde toegekend, waardoor links van die directories minder bijdragen aan posities in de zoekresultaten. Uiteraard zijn er nog wel waardevolle directories, maar ook hier staat relevantie en het doel van de directory centraal.

4. Betaalde links

Google heeft in 2007 een fanatieke strijd gevoerd tegen “Paid links”. Zo werd de zichtbare PageRank (in de Google Toolbar) voor een aantal vooraanstaande blogs en websites behoorlijk verlaagd.

Als Google kan achterhalen dat je openlijk links verkoopt, zonder dat je het nofollow attribuut gebruikt, dan kun je worden bestraft met een lage(re) zichtbare PageRank. Je kunt nog wel links kopen, maar let daarbij – je raad het al…- op relevantie!

5. Betaalde blog netwerken

Ook de netwerken die het “Pay Per Post” afrekenmodel hanteren zitten sinds eind 2007 bij Google op het strafbankje. In Nederland kennen we het initiatief Blog.mij.

Als je als blogger betaald krijgt voor het schrijven van een post, zorg dan dat het lijkt of het een “normale” blog post is. Anders is wederom het gebruik van nofollow aan te raden.

6. De zoekresultaten overheersen met subdomeinen

Eind 2007 is Google ook strenger geworden voor subdomeinen. Tot die tijd was het goed mogelijk om een groot gedeelte van de eerste zoekresultatenpagina te beheersen met subdomeinen van een website.

Het is niet meer onmogelijk om de zoekresultaten te beheersen met subdomeinen, maar het is lastiger geworden. Het doel hierbij is om meer diversiteit te realiseren in de zoekresultaten.

7. Optimaliseren op basis van tekst

Tot medio 2007 moest je in de zoekresultaten alleen concurreren met andere zoekresultaten gebaseerd op tekst. Met de komst van Google Universal Search is dit veranderd.

Er worden nu ook andere soorten informatie in de zoekresultaten geïntegreerd, zoals nieuws, afbeeldingen en video’s. Dit maakt zoekmachine optimalisatie complexer, omdat elke soort informatie uit een andere verticale zoekmachine komt en een verschillende database/index heeft met een eigen algoritme.

Aanvullend daarop maakt de personalisatie van zoekresultaten, middels de webgeschiedenis en de iGoogle startpagina, het ook lastiger, omdat je niet met andere generieke zoekresultaten concurreert.

Conclusie

De markt van zoekmachine marketing, en zeker zoekmachine optimalisatie, is continu in beweging. Ook in 2007 zijn er enkele veelgebruikte technieken in zoekmachine optimalisatie niet of aanzienlijk minder bruikbaar geworden.

Zorg dus dat je meegaat met de ontwikkelingen. Stel relevantie meer dan ooit centraal. Verkijg links op andere manieren (denk aan social media e.d.). Biedt relevante content. Focus op de eindgebruikers. Meet goed door tot en met conversies, de gewenste actie van de gebruiker op je website.

Het vak zoekmachine optimalisatie is nog uitdagender en wat mij betreft leuker geworden. Veel plezier en succes in 2008!

Vertel Google de geografische doelregio van je website

Google Webmaster Central beschikt nu over de mogelijkheid om de geografische doelregio van je website in te stellen, zo meldt het voormalig hoofd van Google Webmaster Central, Vanessa Fox.

Google Webmaster Central bevat verder zeer waardevolle functionaliteiten die je als webmaster inzicht geven in hoe Google je website indexeert en rangschikt in de zoekresultaten. Zo kun je bijvoorbeeld zien op welke zoekopdrachten je website goed presteert.

Waarom is je geografische doelregio belangrijk?

De koppeling van je website aan een geografisch gebied (meestal een land) wordt gebruikt in het rangschikken van zoekresultaten (zoekende Belgen zullen meer Belgische websites zien dan Nederlandse zoekers) en in land-specifieke zoekopdrachten (denk aan de zoekoptie “pagina’s uit Nederland”).

Zoekmachines gebruiken meestal het “top level domein (TLD)” (.nl, .be, etc.) om de locatie van een website te bepalen. Als het TLD niet locatiegebonden is (zoals .com of .net) dan kijken zoekmachines o.a. naar het IP adres van de website.

Deze methode werkt in het algemeen goed, maar websites die de website hosten op een andere locatie dan hun geografische doelregio kunnen problemen ondervinden. Denk bijvoorbeeld ook aan internationale bedrijven die subdomeinen of subfolders hebben ingericht voor land-specifieke websites.

Geografische doelregio instellen

Vanaf nu kun je Google exact vertellen welk geografisch gebied de doelregio is van je website. Onderstaande afbeelding illustreert dit.

Als jouw website een locatie specifieke TLD heeft (zoals .nl) dan geeft Google aan met welk land ze jouw website associëren. Dit kun je niet wijzigen. Bij een niet locatiegebonden TLD (zoals .com) kun je het land aangeven.

Voor lokaal geörienteerde websites, bijvoorbeeld een italiaans restaurant in Amsterdam, kun je een regio, plaats of postcode instellen. Vergeet je in dat geval ook niet aan te melden bij het Google bedrijvencentrum om gevonden te worden voor lokale zoekopdrachten.

Meerdere geografische locaties voor één website

Op dit moment is het niet mogelijk om meerdere geografische locaties te koppelen aan één website, zoals wenselijk bij een meertalige website van een internationaal bedrijf.

Je kunt dit oplossen door elk subdomein of elke subfolder als aparte website te registreren binnen Google Webmaster Central.

Google blijft op dit vlak zeer goede stappen zetten. Geen enkele andere zoekmachine biedt webmasters zo uitgebreid inzicht en controle over hoe je website wordt geïndexeerd en gerangschikt. Mijn complimenten!

Verlaging zichtbare PageRank. Google penalty of PageRank update?

Het is de laatste tijd rumoerig in search-land als het gaat om PageRank, met name in relatie tot Paid Links.

Paid Links

In april gaf Matt Cutts aan dat Google steeds actiever “jaagt” op paid links: betaalde links met het doel om de PageRank te verbeteren. Hij roept iedereen op om actief paid links te melden bij Google, wat inmiddels ook in Google Webmaster Central kan.

In september leken een aantal directories gestraft te zijn met lagere rankings. Daarnaast zag o.a. SEO’er Joost de Valk deze maand zijn zichtbare (toolbar) PageRank terugvallen van PR6 naar PR5, maar heeft deze inmiddels weer terug.

Verlaging zichtbare PageRank

Nu lijkt Google serieuze stappen te hebben genomen door een aantal vooraanstaande websites en blogs te straffen met een verlaging van hun PageRank, zoals zichtbaar in de Google Toolbar, veelal met 3 punten!

Vooraanstaande weblogs over zoekmachine marketing als SERoundtable en SearchEngineJournal zijn van PR7 terug naar PR4, maar ook websites als Forbes en Washington Post zijn teruggevallen van PR7 naar PR5!

En waar ligt het aan? Aan paid links? Een wijziging in het PageRank algoritme? Of een langverwachte PageRank update? U mag het zeggen; ik weet het niet.

Waarde PageRank overschat

Maar wat ik wel weet, is dat de waarde van PageRank wordt overschat. De werkelijke PageRank weet alleen Google en de zichtbare PageRank zegt niets over de relevantie van de links of de kwaliteit van de website (ondanks dat die koppeling nog steeds veel wordt gemaakt!).

Focus op goede content die de moeite waard is voor mensen om te lezen, naar te linken en over te praten. Voeg waarde toe voor je doelgroep, bepaal doelstellingen en meet of je deze behaalt. Dan heb ik het niet over het behalen van posities in zoekresultaten, maar gewenste acties van het het inschrijven voor een nieuwsbrief tot en met een volledige verkoop van datgene wat je aanbiedt.

Bronnen & meer informatie:

Saku
Netters
Traffic Builders
Andy Beard
SearchEngineLand
Google zoekgeschiedenis wordt webgeschiedenis

Op welke zoekopdrachten scoort je website goed? Google geeft antwoord

Google Webmaster Central heeft enkele nieuwe functionaliteiten gelanceerd die je als webmaster nog meer inzicht geeft in hoe Google je website indexeert en rangschikt.

Historische data meest uitgevoerde zoekopdrachten

Je kon al in Google Webmaster Central zien voor welke zoekopdrachten je website het meest werd vertoond (inclusief de gemiddelde posities) en welke van deze zoekopdrachten de meeste klikken opleverden. Maar dit kon alleen tot 7 dagen terug.

Vanaf nu kun je tot 6 maanden terugzien voor welke zoekopdrachten je website vertoningen en kliks ontvangt. Ook kun je specifiek zien of het zoekopdrachten betreft van de algemene zoekmachine van Google, de mobiele zoekmachine of de zoekmachine voor weblogs. Je kunt zelfs specifieke data achterhalen voor internationale zoekopdrachten per land.

Percentage van top 20 zoekopdrachten

Daarnaast toont Google Webmaster Central nu welk percentage van elke vertoning of klik voor een zoekopdracht je behaalt van de top 20 zoekopdrachten. Dit geeft je een beeld van hoe goed de vertoning of de klik presteert in de top 20.

Tip: extra informatie bij download

Het is ook zeker handig dat je deze informatie kunt downloaden om zelf uitgebreider te analyseren. Door te kiezen voor de optie “Alle zoekopdrachtstatistieken downloaden voor de site (inclusief submappen)” krijg je per individuele pagina van je website de statistieken te zien, wat zeker waardevol is!

Sitelinks

Sitelinks zijn extra links die onder sommige zoekresultaten verschijnen. Ze zijn er om gebruikers te helpen om snel naar de belangrijkste pagina’s van de website te navigeren.

Sitelinks verschijnen alleen als een website gedurende een langere periode de eerste positie behoudt op een bepaald zoekwoord. Google bepaalt automatisch welke pagina’s als Sitelink verschijnen, maar vanaf nu kun je in Google Webmaster Central controle uitoefenen op welke pagina’s Google selecteert (tot een aantaal van acht).

Bronnen & Meer informatie

Google Webmaster Central (historische data)
Google Webmaster Central (sitelinks)
Search Engine Land
Vanessa Fox
Google Operating System
Search Engine Journal

Onderzoek: online vindbaarheid top 100 adverteerders (2007)

logo-checkitZoekmachine Marketing bureau Checkit onderzocht voor de tweede keer de online vindbaarheid van de 100 grootste adverteerders van Nederland (volgens Nielsen Media Research) bij zoekmachines. Slechts 8% blijkt goed vindbaar.

De top 10 van de best scorende websites ziet er als volgt uit:

  1. KPN (94,67%)
  2. Jamba (94,27%)
  3. Dell Products Europe (91,81%)
  4. T-Mobile Netherlands (89,77%)
  5. Ministerie van Binnenlandse Zaken (85,10%)
  6. Nationale Postcode Loterij (83,46%)
  7. SNS Bank (82,64%)
  8. Wehkamp (81,01%)
  9. Kia Motors Nederland (79,04%)
  10. Ministerie van Defensie (78,43%)

Zie verder de volledige Top 100 online vindbaarheid 2007.

De Top 100 online vindbaarheid werd vorig jaar voor het eerst uitgevoerd in samenwerking met de Universiteit van Tilburg.

Uit de Top 100 online vindbaarheid 2007 blijkt dat 42% slecht vindbaar is (vindbaarheidsscore lager dan 50%), en dat slechts 8% goed scoort (vindbaarheidsscore hoger dan 80%). Wel is er ten opzichte van 2006 een duidelijke verbetering waar te nemen; in 2006 was namelijk nog 68% van de onderzochte organisaties slecht online vindbaar.

vindbaarheidscriteria

In het onderzoek is net als vorig jaar gekeken naar de volgende criteria:

  1. Sitemap
  2. Title
  3. Meta Tag Description
  4. Meta Tag Keywords
  5. Frames
  6. H1-Tags
  7. Hoeveelheid Content
  8. Flash
  9. Aantal Geïndexeerde Pagina’s
  10. Pagerank
  11. Linkpopulariteit

De gehanteerde criteria zijn geselecteerd uit vele variabelen die de vindbaarheid van een website bij zoekmachines kunnen bepalen. Dit onderzoek geeft dan ook een indicatie van de vindbaarheid bij zoekmachines en is een momentopname.

Interessant detail is dat de linkpopulariteit dit jaar is gebaseerd op de tool Yahoo! Site Explorer in tegenstelling tot vorig jaar waarbij Google werd gebruikt (waarschijnlijk met het link: commando)

Lees meer over de werking van zoekmachines in het artikel Handleiding: Hoe werkt een zoekmachine?

Onderzoeksopzet

De websites van de 100 grootste adverteerders zijn aan de hand van 11 genoemde vindbaarheidscriteria geanalyseerd. Per organisatie en per branche zijn 4 pagina’s onderzocht die geselecteerd zijn op belangrijke gebruikersmotieven.

Deze pagina’s zijn vervolgens op hun vindbaarheid voor zoekmachines beoordeeld. De eindresultaten van de individuele organisaties op de elf vindbaarheidscriteria zijn gerangschikt van hoog naar laag, en afgezet tegen de grootte van het mediabudget, wat uiteindelijk resulteerde in de Top 100 online vindbaarheid.

Conclusie

Ondanks dat er een verbetering is te zien t.o.v. van vorig jaar, zijn veel (42%) grote adverteerders nog steeds slecht vindbaar volgens de criteria van het onderzoek. Zoekmachines zijn uitgegroeid tot een volwaardig mediakanaal, waardoor zoekmachine marketing bijna noodzakelijk is om consumenten doeltreffend te bereiken. De top 100 adverteerders van Nederland zijn op de goede weg, maar hebben ook nog een lange weg te gaan; laat staan de middelgrote en kleine adverteerders…

Zie de categorie onderzoek op dit zoekmachine marketing weblog voor meer onderzoek over zoekmachines en zoekmachine marketing.

Google stopt met Supplemental Results ‘label’

google-supplemental-resultGoogle heeft aangekondigd dat het stopt met het toewijzen van het label “Supplemental Results” aan zoekresultaten (in Nederland bekend als “Toegevoegde zoekresultaten”).

Betekent dit dat de Supplemental Index weg is? Nee, de Supplemental Index bestaat nog steeds. Maar Google belooft dat het hebben van pagina’s in de Supplemental Index in de nabije toekomst een steeds minder groot probleem is.

Wat is de Google Supplemental Index?

De Supplemental Index is een tweede Index van Google, een soort archief als het ware, met minder belangrijke pagina’s, bedoeld om de Main Index snel en vers (actueel) te houden en om meer webpagina’s te kunnen indexeren.

Google maakt dus gebruik van een Main Index en een Supplemental Index. Als de Main Index – die de meest belangrijke webpagina’s bevat – niet voldoende webpagina’s bevat voor een bepaalde zoekopdracht, wordt de Supplemental Index geraadpleegd.

Een zoekresultaat uit de Supplemental Index bevatte tot voor kort de toevoeging ‘Toegevoegde zoekresultaten’ (of ‘Supplemental Result’), zoals je in de afbeelding rechtsboven kunt zien, waar Google dus nu mee is gestopt.

Waarom geen Supplemental Results label meer?

De belangrijkste reden waarom Google stopt met het label Supplemental Results is dat volgens eigen zeggen het verschil tussen de Main Index en de Supplemental Index steeds kleiner wordt.

Google belooft dat een zoekopdracht vanaf nu tegelijkertijd wordt losgelaten op de Main Index als de Supplemental Index. Dat betekent dat pagina’s uit de Supplemental Index een betere kans krijgen om goede posities te realiseren in de zoekresultaten, kortom een betere ‘ranking’ zullen behalen.

Ook belooft Google dat de ‘versheid’ (actualiteit) van de Supplemental Index is verbeterd, waarbij geen enkele pagina langer dan 3 maanden niet wordt bezocht. In de toekomst kan dit zelfs teruglopen tot 1 maand.

Supplemetal Index, webmasters & zoekmachine optimalisatie

Webpagina’s in de Supplemental Index worden in feite pas getoond in de zoekresultaten als er weinig te vinden is in de Main Index. Dat is ook de reden waarom webmasters zich zorgen maken als veel webpagina’s zich in de Supplemental Index bevinden.

In feite ziet Google de webpagina’s in de Supplemental Index als minder belangrijk. Dit zijn bijvoorbeeld vaak pagina’s met een lage PageRank (= te weinig links), een complexe URL structuur of oude pagina’s die lang niet zijn gewijzigd.

Naast dat de pagina’s alleen verschijnen als Google niets beters vindt, is het geen uitzondering dat Google de webpagina’s in de Supplemental Index enkele maanden niet bezoekt (om te kijken of er iets is gewijzigd, zodat de pagina misschien weer in de Main Index kan worden opgenomen).

Bekijken van de Supplemental Index

Webmasters hebben verschillende manieren gevonden om te achterhalen of webpagina’s in de Supplemental Index zijn geplaatst, zoals ik ook beschreef in het artikel Google Supplemental Index bekijken.

Met het wegvallen van het label Supplemental Results is het op dit moment helaas ook niet meer goed mogelijk om te achterhalen welke pagina’s zich in de Supplemental Index bevinden. (Sommige comando’s blijken te werken, maar andere ook weer niet)

Google’s Matt Cutts heeft wel toegezegd dat webmasters in de nabije toekomst op één of andere manier kunnen achterhalen welke webpagina’s zich in de Supplemental Index bevinden.

“Help! Wat moeten we nu?”

De reacties op deze actie van Google zijn niet onverdeeld positief. Veel mensen actief in zoekmachine optimalisatie vinden het een verlies dat je geen inzicht meer hebt in de Supplemental Index.

Enerzijds ben ik het daar mee eens. Het is zeer waardevol om te weten of er webpagina’s in de Supplemental Index zitten. Want dan is er iets mis en dan kun je er iets aan doen.

Anderzijds denk ik dat het niet goed is om je blind te staren op een label wat Google ergens op plakt, zoals dat ook met PageRank gebeurt. Ja, PageRank kan je helpen om beter te ranken. En ja, het is beter om in de Main Index te zitten dan in de Supplemental Index.

Maar dat zijn slecht enkele factoren van de vele die meewegen in het bepalen van je posities in de zoekresultaten van Google, zoals ik ook uitleg in het uitgebreide artikel Handleiding: Hoe werkt zoekmachine Google? Een kijkje in de keuken.

Laat de statistieken van je webanalytics bepalen welke webpagina’s verbeterd moeten worden, niet een label wat Google ergens op plakt!

Conclusie

De Supplemental Index is een tweede Index van Google, een soort archief als het ware, met minder belangrijke pagina’s, bedoeld om de Main Index snel en vers (actueel) te houden.

Google gaf in de zoekresultaten aan welke webpagina’s uit de Supplemental Index komen, maar stopt hier nu mee. Ook is het niet meer goed mogelijk om te achterhalen welke pagina’s zich in de Supplemental Index bevinden.

Voor webmasters en mensen actief in zoekmachine optimalisatie is het enerzijds een verlies dat je nu geen inzicht meer hebt in een belangrijke status indicator van een website. Anderzijds kun je veel beter de statistieken van je webanalytics laten bepalen welke pagina’s moeten worden verbeterd, niet een label wat Google ergens op plakt.

Sitemap protocol breder ondersteund en uitgebreid

logo-sitemaps-orgIn November 2006 hebben Google, Yahoo en Live al aangekondigd dat ze het sitemap protocol ondersteunen en verder ontwikkelen, wat nu ook door Ask.com wordt ondersteund.

Wat is een sitemap?

Een sitemap is een gestandaardiseerde methode om webpagina’s via een XML -of tekst bestand of een feed aan te leveren aan de zoekmachines.

Ook kun je additionele informatie meeleveren wat de zoekmachines een idee geeft over de relatieve importantie van jouw webpagina’s. Het is echter geen garantie voor opname in de index van de zoekmachines!

Wat is nieuw aan het sitemaps protocol?

Tot op heden moest je de zoekmachine handmatig vertellen waar de XML sitemap te vinden was.

Vanaf nu kun je in het Robots.txt bestand aangeven waar jouw XML sitemap te vinden is, zodat de zoekmachines deze automatisch vinde. Dit wordt Sitemaps Autodiscovery genoemd.

Voorbeeld Robots.txt bestand

Een robots.txt bestand inclusief de verwijzing naar een sitemap kan er alsvolgt uitzien:

User-agent: *
Disallow: /willekeurigefolder/
Disallow: /ietsanders/
Sitemap: http://www.jouwwebsite.nl/sitemap.xml

Meer informatie sitemaps protocol

Google: Google Webmaster Central en Sitemaps info
Yahoo: Yahoo Site Explorer en Sitemaps info
Live: Toevoegen url en Toevoegen url help
Ask: Ask webmaster help

Via SearchEngineLand

Gebruik het Google command site: … niet te vaak!

google-foutmeldingGoogle biedt veel manieren om te achterhalen hoe Google jouw website heeft geïndexeerd. Zo is er het team van Google Webmaster Central, die fantastisch bezig zijn en vele tools ontwikkelen. Google heeft ook een Cheat Sheet opgesteld wat jou in staat stelt via eenvoudige commando’s in Google meer te weten te komen.

Supplemental Index
Eén van die commando’s is het Google commando site:www.jouwwebsite.nl. Deze zoekopdracht geeft alle geïndexeerde pagina’s van het ingevoerde domein weer, zodat je weet welke pagina’s wel en niet zijn geïndexeerd. Ook laat Google zien of de pagina in de Supplemental Index is opgenomen.

Gebruik site: niet te vaak!
Het commando site:www.jouwwebsite.nl is zeer nuttig, maar gebruik het niet te vaak! Het meedere malen gebruiken van site:www.jouwwebsite.nl wordt niet gewaardeerd door Google. Het levert een foutmelding op, want Google ervaart het als een spamactie van een automatisch gegenereerde handeling.

Zelf kreeg ik de foutmelding bij het testen met het bekijken van de Google Supplemental Index en emarky beschrijft het fenomeen ook in zijn black hat test. Bij zijn test werden de sites, die vaak met site:www.jouwwebsite.nl opgezocht werden, binnen 48 uur uit de index gehaald. De andere spamsites werden pas later uit de index gehaald.

Google foutmelding spyware

Via SEOKing

Google Supplemental Index bekijken

Bekijk de Google Supplemental Index

Wat is de Google Supplemental Index?

Google maakt gebruik van een Main Index en een Supplemental Index. Google is echter minder streng voor een website in de Supplemental Index dan voor de opname van een webpagina in de Main Index. Een zoekresultaat uit de Supplemental Index bevat de toevoeging ‘Toegevoegde zoekresultaten’ of ‘Supplemental Result’.
(Zie ook de beschrijving van Google over de Supplemental Index)

Dit betekent dat websites die in de Supplemental Index worden geplaatst in feite minder vertrouwen krijgen. Meer hieroverover vind je in het artikel Google, Sandbox, Trustrank en jouw website. Logischerwijs verschijnen deze webpagina’s lager in de zoekresultaten dan de webpagina’s die opgenomen zijn in de Main Index van Google.

Hoe zie ik mijn Google Supplemental Index Resultaten?

Om te zien welke webpagina’s van jouw website zijn geïndexeerd door Google, kun je het command site:jouwwebsite.nl gebruiken. Dit command toont eerst de pagina’s uit de Google Main Index en vervolgens de webpagina’s die zijn opgenomen in de Google Supplemental Index.

Om alleen de webpagina’s te zien die opgenomen zijn in de Google Supplemetal Index, gebruik je het command:

site:www.jouwwebsite.nl * -willekeurig_woord

In dit command is het van belang dat er na de query site:www.jouwwebsite.nl minimaal één * staat en één ‘negatief’ woord, allen gescheiden door spaties.
Gebruik het site: command echter niet te vaak, want dat ziet Google als spam!

Google Supplemental Index commando

Bereken jouw Supplemental Index Ratio

Door het aantal webpagina’s van jouw website dat in de Supplemental Index is opgenomen te delen op het totaal aantal webpagina’s dat Google heeft geïndexeerd, bepaal je jouw Supplemental Index Ratio. Deze ratio verteld je iets over de huidige relatieve gezondheid van jouw website.

Wat heb ik aan een Supplemental Index Ratio?

Heb je geen webpagina’s in de Supplemental Index, dan heeft je website waarschijnlijk een goede site architectuur en heeft je website voldoende link populariteit middels kwalitatieve en relevante inkomende links. Als je een aantal pagina’s in de Supplemental Index hebt, dan is dat niet schadelijk als deze webpagina’s onbelangrijke, verouderde of dubbele pagina’s (bijvoorbeeld een printvriendelijke versie) zijn.

Zijn echter de belangrijke pagina’s van jouw website opgenomen in de Google Supplemental Index, dan is het zaak om je interne site architectuur te verbeteren en/of een betere link populariteit te verkrijgen middels kwalitatieve en relevante inkomende links. Gebruik de Supplemental Index Ratio ook voor het vergelijken van jouw website met die van belangrijke concurrerende websites om te achterhalen wat de groeimogelijkheden zijn.

Conclusie

De Google Supplemental Index is de minder strenge variant van de Google Main Index en verteld je iets over de huidige relatieve gezondheid van jouw website. Door het vergelijken van jouw Supplemental Index Ratio met die van concurrerende websites, kun je het groeipotentieel van je website bepalen. Doe je voordeel met al deze eenvoudig te verkrijgen informatie; meten is weten!

Via SEOBook

« Vorige PaginaVolgende Pagina »