Artikelen over Social Media


Vragen over SEO & Social Media? Stel ze a.s. donderdag in een live webinar

Social Media keyboardA.s. donderdagavond om 20:00u vindt er live een “webinar” plaats over SEO & Social Media. Dit is een initiatief van de Belgische SEO’er Dave Lorrez, die mij heeft gevraagd om als expert te komen opdraven.

Dit is het 1e live webinar dat Dave organiseert in een serie waarin hij diverse Nederlandstalige experts over zoekmachinemarketing en aanverwante onderwerpen aan het woord laat.

Dave liet al eerder succesvol diverse Nederlandstalige zoekmachinemarketing experts opdraven, zoals je kunt lezen in “8 Nederlandse SEO experts over Linkbuilding“.

Details SEO & Social Media webinar

De details:

  • Wat? – live SEO & Social Media webinar
  • Wanneer? – donderdag 22 januari
  • Hoe laat? – 20:00u (CET)

Lees de rest van "Vragen over SEO & Social Media? Stel ze a.s. donderdag in een live webinar"

DataPortability werkgroep gesteund door Google, Yahoo!, Facebook, e.a.

Afgelopen week werd bekend dat Google, Facebook en Plaxo toetreden tot de DataPortability werkgroep die ervoor wil zorgen dat persoonlijke informatie, zoals je profiel, foto’s en video’s, kan worden uitgewisseld tussen online diensten, met name sociale netwerken.

Dit initiatief kan, mits goed uitgevoerd en uitgewerkt, een belangrijke stap zijn voor de volgende fase van het internet. Google en FaceBook zijn één van de grootste bedrijven op internet in termen van het verzamelen en gebruiken van sociale informatie. Mede daarom is hun aanwezigheid, samen met de vele andere deelnemers in de DataPortability werkgroep, van groot belang.

Niet de bedrijven zelf
Formeel gaat het om de medewerkers van de bedrijven die deelnemen aan de DataPortability werkgroep. Niet de bedrijven zelf. In de werkgroep wordt Google vertegenwoordigd door Brad Fitzpatrick, de oprichter van LiveJournal en vaak genoemd als de bedenker van OpenID.

Facebook wordt vertegenwoordigd door Benjamin Ling, de manager van het FaceBook platform (en voormalig hoofd van Google Checkout). Plaxo wordt vertegenwoordigd door Joseph Smarr, hun belangrijkste platform architect. Naast Google, FaceBook en Plaxo doen ook andere bedrijven mee waaronder MySpace, Yahoo!, LinkedIn en Twitter.

Wat is DataPortability?

DataPortability is een werkgroep met het doel om bestaande open standaarden te integreren tot één overkoepelend systeem om persoonlijke informatie eenvoudig uit te wisselen tussen online diensten (met name sociale netwerken).

DataPortability gaat dus GEEN nieuwe standaarden ontwikkelen. Ze noemen het overkoepelend systeem het “DHCP voor identiteit”, verwijzend naar DHCP-servers die ervoor zorgen dat computers snel en eenvoudig kunnen inloggen op internet.

Controle bij gebruiker
Een belangrijke doelstelling daarbij van DataPortability is dat ze de controle over de informatie willen teruggeven aan de eindgebruikers, ongeacht waar je die informatie “mee naartoe neemt”.

Gebruikers zullen hun vrienden en hun media (afbeeldingen, video’s, etc.) kunnen benaderen via alle applicaties, sociale netwerken en andere online diensten die het systeem van DataPortability in hun dienst opnemen.

Onderstaande video illustreert duidelijk wat het doel is van DataPortability:

Hoe verschilt DataPortability.org van OpenSocial?

Wellicht vraag je jezelf af hoe DataPortability.org verschilt van Google’s OpenSocial? Het lijkt hetzelfde, maar er zijn verschillen.

Zowel DataPortability als OpenSocial hebben tot doel persoonlijke informatie uitwisselbaar te maken. OpenSocial is een set afspraken over API’s (zie voor uitleg Hoe open is Google OpenSocial?), terwijl DataPortability gaat over de compatibiliteit tussen de bestaande standaarden waarmee, al dan niet via API’s, informatie wordt uitgewisseld.

Jouw informatie meenemen
Het OpenSocial platform van Google is een technische standaard voor ontwikkelaars om applicaties te bouwen die werken met meerdere sociale netwerken. Maar dat betekent nog niet dat je jouw foto’s eenvoudig kunt meenemen van Flickr naar Picasa, of je online profiel van Hyves naar FaceBook. Dat is exact waar de DataPortability werkgroep voor wil zorgen.

Robert Scoble’s FaceBook account

Interessant detail is dat de bekende tech-blogger Robert Scoble afgelopen week bekend dat zijn FaceBook account was gedeactiveerd. Hij probeerde zijn contactinformatie te downloaden om te gebruiken in Plaxo, maar blijkbaar was dat niet toegestaan.

Ironisch en opvallend is dat in dezelfde week zowel FaceBook als Plaxo aankondigen dat ze toetreden tot de DataPortability werkgroep, waar overigens ook Robert Scoble zich bij heeft aangesloten. Is dit toeval of gaat het om een marketingactie van de betrokken bedrijven?

Privacvy gevolgen van dataportabiliteit

Het voorbeeld van Robert Scoble illustreert ook de gevolgen die de uitwisseling van informatie tussen diverse diensten met zich meebrengt, met name op het gebied van privacy. Zijn alle vormen van informatieuitwisseling wel gewenst?

Over het algemeen bevat je profiel algemene contactinformatie die je vaak ook publiekelijk openstelt op een sociaal netwerk. Maar steeds vaker gaat het om meer informatie, waarvan je soms niet wil dat dit op een andere website of in de handen van een onbekende terecht komt.

Want dat je een account hebt bij Hyves of FaceBook betekent nog niet dat je toestemming hebt gegeven om jouw informatie te laten gebruiken door derden.

Kritische succesfactor
Het goed nadenken en oplossen van dit privacy probleem is wat mij betreft een kritische succesfactor in het slagen van initiatieven zoals de DataPortability werkgroep en Google OpenSocial. Ik verwacht dan ook dat daar veel aandacht aan wordt besteed door alle deelnemende partijen.

Conclusie

Het toetreden van Google en FaceBook tot de DataPortability werkgroep zorgt ervoor dat de belangrijkste partijen die sociale informatie verzamelen en gebruiken nu samenwerken aan een standaard om deze informatie makkelijk uit te wisselen.

De DataPortability werkgroep zal geen nieuwe standaard(en) ontwikkelen, maar een soort overkoepelend systeem wat ervoor zorgt dat bestaande standaarden compatibel worden. Het doels is om de gebruikers de controle te geven en persoonlijke informatie, zoals je profiel, foto’s en video’s, uit te wisselen tussen online diensten, met name sociale netwerken.

DataPortability lijkt sterk op OpenSocial van Google, maar de beide initiatieven verschillen van elkaar. OpenSocial is een set afspraken over API’s, terwijl DataPortability gaat over de compatibiliteit tussen de bestaande standaarden waarmee, al dan niet via API’s, informatie wordt uitgewisseld.

Deze informatieuitwisseling zorgt echter voor potentiële problemen op het gebied van privacy. Welke informatie van jou mag wel en niet door derden worden gebruikt? Die controle moet uiteraard bij de gebruiker liggen en dat is in mijn ogen ook een kritische succesfactor voor het slagen van initiatieven zoals DataPortability en Google OpenSocial.

Bronnen & Meer informatie

Particls
Emerce
Read/Write Web
SearchEngineJournal
O’Reilly Radar
E-Learning
Weblog NRC
About:blank

Dit artikel is ook verschenen op Sync.nl

Hoe open is Google OpenSocial?

Vorige maand werd er al over gespeculeerd, deze week was het nieuws al uitgelekt, en nu lanceert Google het officieel: “OpenSocial”.

Wat is OpenSocial?

In het kort is OpenSocial een technische standaard voor ontwikkelaars met het doel om het internet meer open en sociaal te maken.

Concreet gaat het er op korte termijn om dat Google wil dat sociale netwerken, zoals Hyves, MySpace en Facebook, meer met elkaar gaan samenwerken, met name in het uitwisselen van informatie. OpenSocial is dus geen nieuw sociaal netwerk. Met Orkut beschikt Google al over een sociaal netwerk, zij het niet zo succesvol.

Deze OpenSocial standaard van Google is het eerste initiatief om informatie op een gestandaardiseerde manier uit te wisselen en te distribueren tussen meerdere sociale netwerken. Op de lange termijn wil Google met OpenSocial ook niet-sociale websites meer open en sociaal maken.

Op dit moment wordt OpenSocial ondersteund door de volgende deelnemende partijen, “hosts” genoemd: Bebo, Engage.com, Friendster, hi5, Hyves, imeem, LinkedIn, mixi, MySpace, Ning, Oracle, orkut, Plaxo, Salesforce.com, Six Apart, Tianji, Viadeo en XING.

API, de toegangspoort

Google biedt met OpenSocial op dit moment een set van standaard “API’s” aan (Application Programming Interface – zie ook wikipedia), waarmee ontwikkelaars applicaties kunnen maken voor diverse sociale netwerken.

Google OpenSocial is geen universele API die alle informatie van een sociaal netwerk afhandelt. De nadruk ligt op de gemeenschappelijke, generieke informatie. Voor de specialistische informatie kan een sociaal netwerk een eigen API aanbieden.

Sterk vereenvoudigd kun je een API zien als een toegangspoort tot applicaties, zodat je toegang hebt en gebruik kunt maken van een deel van de functionaliteiten en daar bovenop een eigen applicatie kunt bouwen. Op dit moment biedt OpenSocial de volgende API’s:

- Profiel informatie (user data)
- Vrienden informatie (social graph)
- Activiteiten (die plaatsvinden binnen netwerken)

Waarom OpenSocial?

Veel sociale netwerken hebben er in het verleden over nagedacht om hun netwerken open te stellen via API’s, maar nooit kwam er een algemene standaard. Met de komst van OpenSocial wordt dat makkelijker gemaakt, zodat je niet meer met verschillende technieken hoeft te werken.

Het succes van API’s in het algemeen, maar zeker ook voor Google, zal er mede toe bijgedragen hebben dat Google OpenSocial heeft gelanceerd. Het succes van bijvoorbeeld Google Maps en de iGoogle startpagina (denk aan de Google Gadgets – en bijbehorende advertenties) is voor een groot deel te danken aan het succesvolle en enorme gebruik van de bijbehorende API’s. Maar ook functionaliteiten van de zoekmachine van Google en van Google AdWords zijn via API’s te gebruiken.

Bas van den Beld, die namens DutchCowboys bij de “briefingcall” zat, vroeg namens mij aan Google naar de mogelijke API’s voor bijvoorbeeld Gmail, Analytics en Jaiku (Twitter concurrent, onlangs door Google overgenomen). Google gaf aan dat het logisch zou zijn dat ze daar in de toekomst mee bezig zouden gaan, maar dat daar op dit moment nog geen nieuws over is.

Voordelen voor ontwikkelaars

  • Een nieuw en breed distributienetwerk (alle websites die OpenSocial ondersteunen) voor ontwikkelaars van web applicaties.
  • Eén techniek leren, overal toepassen
  • Gebaseerd op standaarden (HTML en Javascript)

Voordelen voor websites (lees: sociale netwerken)

  • Snellere ontwikkeling van meer functionaliteiten
  • Beschikking over een grote groep ontwikkelaars (vanwege standaarden en brede ondersteuning)
  • Aandacht focussen op strategische projecten in plaats van complexe ontwikkeling van API’s etc.

Voordelen voor gebruikers

  • Informatie uitwisselen tussen sociale netwerken (profiel, vriendenlijst, etc.)
  • Centraal beheren van je sociale netwerken

OpenSocial, het internet als open platform

Ondanks dat Google het initiatief neemt, is er voor de implementatie verder geen enkele afhankelijkheid van Google. OpenSocial is ontwikkeld vanuit de gedachte dat het internet het platform is, en niet de individuele websites van bijvoorbeeld Facebook, MySpace of Hyves.

Wat mij betreft is dit het internet van de toekomst: een open platform waarbij vele vormen van informatie worden geaggregeerd wat tot op zekere hoogte een bepaalde vorm van “intelligentie” realiseert.

Belangrijk daarbij is dat de eindgebruiker, kortom u en ik, de controle houdt over de informatie. Ik hoop ook dat er in de API’s van OpenSocial is vastgelegd is dat de gebruiker altijd de controle houdt over wat er met zijn/haar informatie gebeurt.

Hoe open is OpenSocial?

Google heeft al eerder geprobeerd om zichzelf te promoten als een platform voor ontwikkelaars. Zo is er het programma Google Gadget Ventures waar ontwikkelaars geld kunnen verdienen met succesvolle Google Gadgets (met name voor de iGoogle startpagina).

Het idee van een open en sociaal internet kan natuurlijk niet vanuit één partij worden beheerd. Gelukkig ben je voor de implementatie niet afhankelijk van Google. Maar hoe zit het met het ontwikkelen van de OpenSocial standaard? Het zou niet goed zijn als dit in handen is van Google, zeker gezien de enorme hoeveelheid informatie die ze potentieel van je kunnen hebben en combineren.

Daarnaast zijn de huidige API’s beperkt tot generieke informatie. Conceptueel is het interessant om informatie, zoals je profiel en je vriendenlijst, te kunnen uitwisselen met meerdere sociale netwerken, maar is dat eigenlijk wel mogelijk?

En hoe open is OpenSocial als één van de grootste en het meest besproken sociale netwerk van de laatste tijd, Facebook, niet in het lijstje “hosts” voorkomt? Dit OpenSocial platform van Google lijkt een open versie te zijn van het platform dat Facebook zo populair heeft gemaakt.

Google OpenSocial is wat mij betreft een grote en belangrijke stap naar een volgende fase van het internet. Maar voorlopig lijkt de OpenSocial standaard nog niet zo open en sociaal te zijn als de eerste indruk doet wekken. Het staat echter als een rots boven water dat we een interessante tijd tegemoet gaan!

Bronnen & Meer informatie

DutchCowboys (exclusief)
Million Pieces weblog
Persbericht Google 1
Persbericht Google 2
SearchEngineLand
Emerce
Google Blogoscoped
Google Operating System
Read/Write Web

Wat is een business model voor User Generated Content?

America's funniest home video'sDat is de vraag die begin maart in het Rosarium te Amsterdam werd gesteld op de maandelijkse sessie van de GVR (Nee, niet het bekende kinderboek…). Het antwoord werd gegeven door Polle de Maagt (BlogAds, Pitchit, Polle.net), Michael Nederhof (Skoeps) en Stephan Fellinger (Blogo, SpinAwards).

In het eerste deel van dit artikel ga ik in op de definitie van User Generated Content en de mogelijke business modellen voor User Generated Content.

In het tweede deel van dit artikel komen twee voorbeelden van User Generated Content aan de orde, te weten Skoeps.nl en Blogo.nl, aangevuld met achtergrond, aanvulling en verdieping.

Wat en waarom User Generated Content (UGC)?

User Generated Content is elke vorm van content (tekst, audio, video, etc.) die de inbreng van mensen zoals u en ik bevat. Het gaat om een mate van interactiviteit wat ook regelmatig met het label Web 2.0 wordt bestempeld.

UGC is niet nieuw. Een ingezonden brief en een ideeënbus horen tot die categorie, evenals de home made video’s met bloopers. Tegenwoordig staat UGC vooral voor een inhoudelijke bijdrage van een niet-professionele gebruiker aan een online medium.

Op dit moment zijn er talloze initiatieven die meestal geen of weinig geld opleveren. Maar het aantal successtories neemt toe en maakt het interessant om naar (nieuwe) business modellen te zoeken die in het toenemende sociale internet toepasbaar zijn.

Definitie User Generated Content
Polle de Maagt begon de sessie met zijn definitie van User Generated Content:

User Generated Content = Generation C + Social + Simplicity.

Generation C slaat op de groep mensen (ongeacht de leeftijd – ondanks dat het nu veelal jongeren zijn) die heel veel informatie (Content = C) op internet beschikbaar stellen en privacy soms nauwelijks belangrijk lijken te vinden.

Waarom doen mensen dit? Omdat (1) iedereen zijn/haar creativiteit wil uiten en (2) de makers van ‘content-creating’ tools (en de penetratie van internetaansluitingen) ons in staat stellen om onze creativiteit te uiten (voorbeelden te over zoals Hyves, Sugababes, YouTube, etc.)

Het aspect Social slaat op het feit dat de mens als sociaal wezen ook graag zijn ervaringen en informatie deelt. Het internet, en met name web 2.0 toepassingen, stelt de mens daar steeds beter toe in staat (wederom Hyves, YouTube, Flickr, etc.)

Simplicity is de derde belangrijke factor in User Generated Content. Mensen moeten eenvoudig hun content kunnen creeëren en delen. Denk aan snel een video-tje of foto uploaden (YouTube, Flickr, etc.) of snel een blog aanmaken (Web-log, Blogger, etc.)

User Generated Content en Nederland
Ondanks dat de meeste Nederlanders niet warm lopen voor een sociaal Internet, groeit UGC als kool. Hyves passeerde onlangs de 3 miljoen gebruikers en initiatieven zoals eKudos winnen aan terrein.

Ondanks dat Nederland achterloopt op de VS en de grotere West-Europese landen, verwacht ik ook hier een aanzienlijke toename van User Generated Content. Maar hoe ga je er aan verdienen?

Business Model voor User Generated Content

Voor veel UGC initiatieven is het niet duidelijk wat het business model is. Vaak berust dit op advertenties, maar dat is zeker niet voor alle UGC initiatieven weggelegd.

Polle onderscheid vier elementen bij business modellen achter User Generated Content, te weten:

- Monitoren
- Adverteren
- Sponsoren
- Fan Generated Content

Monitoren

Essent is kutIn eerste instantie is het zaak dat de online wereld goed in de gaten wordt gehouden. Het is interessant om te monitoren hoe de mensen met jouw merk aan de haal gaan. Dit moet je niet willen controleren, maar er snel en adequaat op reageren is van groot belang zoals de PS3-song en ‘creatieve’ uiting van Essent aantonen…

Monitoren kun je bijvoorbeeld eenvoudig met tools als Technorati, Google Blog Search en Alexa. Maar minstens zo interessant is om te kijken naar wat men associeert met jouw merk.

Tagging
De opkomst van tagging vertelt ook veel over de merkbeleving van mensen. Zo is het voor bijvoorbeeld Heineken interessant welke foto’s op Flickr de tag heineken mee worden gegeven. Gebruik deze informatie en leer ervan!

Adverteren

De meeste initiatieven om geld te verdienen aan User Generated Content zijn gebaseerd op adverteren, waarbij de content meestal gratis ter beschikking wordt gesteld. Dit is relatief makkelijk omdat het weinig vernieuwing vraagt t.o.v. de huidige veelgebruikte marketinginspanningen.

Alleen UGC sites met veel volume kunnen misschien rendabel draaien op basis van advertenties, maar ook dat is geen zekerheid. Zelfs de miljoenen gebruikers van YouTube realiseren niet voldoende advertentie inkomsten om de hoge kosten aan breedband en hosting te dekken.

Controle en kwaliteit
De brede doelgroep van veel User Generated Content sites maakt het vaak minder interessant om advertenties te plaatsen. Alleen het opzetten van specifieke channels kan een uitweg bieden, maar het ontbreken van de door veel adverteerders gewenste controle en (hoge) kwaliteit van de content ontbreekt bij User Generated Content.

Polle laat het niet na om te preken voor eigen parochie en BlogAds te noemen als advertentienetwerk voor het adverteren op UGC sites.

Sponsoring

Sponsoring is vorm van minder opvallende commerciële initiatieven om geld te verdienen aan User Generated Content. Het gaat bij sponsoring in feite om het faciliteren van de UGC service, waarbij er geen storende of irrelevante advertenties worden geplaatst.

Een bekend voorbeeld is Wikipedia waar donaties de service draaiende houden, maar ook in Nederland zijn er initiatieven zoals Mobiel Breedband, een weblog rondom het thema mobiel internet, gefaciliteerd door Vodafone.

Fan Generated Content

Idealiter is er volgens Polle de Maagt sprake van Fan Generated Content. In deze situatie is het UGC initiatief dusdanig opgezet dat de mensen meer dan graag participeren in de service. De mensen zijn de service en dragen het uit middels Word of Mouth.

Een belangrijke reden waarom UGC initiatieven een behoefte invullen waarin voorheen niet werd voorzien, is dat consumenten binnen de UGC omgeving meer invloed en macht uit kunnen oefenen, en content van gebruikers meer vertrouwen wekt.

Polle noemt hier ook het initiatief PitchIt, een open podium voor nieuwe meningen dat zich voornamelijk richt op professionals onder de dertig. Uiteraard is het de bedoeling dat de eindgebruikers voldoende content gaan creëren zodat het vervolgens een interessante community wordt om geld aan te verdienen.

UGC voorbeeld 1: burgernieuwssite SKOEPS

SkoepsNa Polle de Maagt betrad Michael Nederlof de bühne om zijn initiatief SKOEPS als voorbeeld te presenteren in het kader van User Generated Content. SKOEPS is een digitaal nieuws-in-beeld-platform waar jij als reporter (’skoeper’) eenvoudig foto’s en video’s kunt plaatsen van bekende en onbekende nationale en regionale nieuwsgebeurtenissen.

Van alle foto’s en video’s op SKOEPS wordt 95% gemaakt met de camera in de mobiele telefoon. Een deel upload het materiaal thuis en een groeiend aantal mensen doet dit via het SKOEPS MMS nummer 4488. Op dit moment telt SKOEPS 1200 actieve leden (minimaal elke week een upload).

Nieuws
SKOEPS richt zich alleen op nieuws, ongeacht welk nieuws, in tegenstelling tot andere UGC initiatieven zoals Hyves of YouTube die toch meer de fun-factor opzoeken. SKOEPS gaat voor de massa en daarmee opent SKOEPS de aanval op Nu.nl. Talpa en PCM financieren de ‘burgernieuwssite’.

Op SKOEPS gaat het om beelden van interessante gebeurtenissen: gebeurtenissen met nieuwswaarde. Door de technologie staat een user generated foto of video binnen 5 minuten online. Daarnaast biedt het beeldmateriaal een ander perspectief doordat het van amateurs en ooggetuigen afkomt.

Verdienen met je mobiel
Interessant om te melden is dat je als skoeper geld kan verdienen aan de foto’s en video’s die je op SKOEPS plaatst. Je ontvangt de helft van de opbrengst wanneer jouw nieuwsfoto of nieuwsvideo wordt doorverkocht aan andere media. Binnenkort deel je ook mee in de advertentie-inkomsten die SKOEPS genereert door doorkliks op jouw beeldmateriaal, wanneer SKOEPS spots gaat toestaan in de videoplayer. Dat is, naast jouw ‘15 seconds of fame’, ook een drijfveer om te gaan ’skoepen’.

Business model SKOEPS
Om antwoord te geven op de hoofdvraag van dit artikel: het business model van SKOEPS is een combinatie van de eerder genoemde aspecten van een business model voor user generated content.

Adverteren
SKOEPS is sinds kort aangesloten bij WebAds, waardoor er inkomsten worden gegenereerd op basis van het traffic naar SKOEPS.nl. Zoals genoemd wordt een deel van de advertentie opbrengsten uitgekeerd aan de ’skoepers’.

Sponsoren
Er zit een kleine marge op de SMS en MMS inkomsten via de telco’s, maar interessanter zijn licenties en programma ideëen. SKOEPS heeft ook plannen om internationaal uit te breiden, waarbij de licenties van zowel de ‘voorkant’ als de ‘achterkant’ (de technologie) interessant kunnen zijn voor structurele opbrengsten.

Fan Generated Content
SKOEPS verkoopt haar content ook door aan andere partijen zoals Planet en Telegraaf. Vaak blijken de user generated foto’s en video’s voldoende goed om door te verkopen aan andere nieuwsorganisaties, waar het zowel gaat om offline (TV, krant) als online.

SKOEPS was genomineerd voor de SpinAwards 2006 in de categorie beste website concept. SKOEPS won de zilveren Spin Award (gefeliciteerd!), uitgereikt door Stephan Fellinger, oprichter en bestuursvoorzitter van de SpinAwards, die na Michael Nederlof zijn presentatie over user generated content gaf:

UGC voorbeeld 2: blog netwerk Blogo.nl

Blogo.nlDe derde presentatie werd verzorgd door Stephan Fellinger, online media man van 2006 en o.a. oprichter van de SpinAwards en Blogo Media.

Blog netwerk Blogo.nl is een webloguitgeverij die bestaat uit door ‘professionele liefhebbers’ geschreven blogs. Alle weblogs profiteren van de ‘paraplu’ die Blogo Media biedt wat betreft technologie, administratie, marketing, etc.

In feite is zijn de aangesloten weblogs een soort hybride vorm van User Generated Content en Professionele content. Er is geen redactie, maar de bloggers moeten wel een proeftijd van 3 maanden doorstaan om hun passie en semi-professionaliteit aan te tonen.

Business model Blogo.nl
Net als de meeste User Generated Content initiatieven is het business model van Blogo.nl gebaseerd op adverteren. De ‘professionele liefhebbers’ genereren interessante en kwalitatieve content en creëren een niche community omtrent een specifiek onderwerp, wat het interessant maakt voor adverteerders.

De professionele liefhebbers delen in de advertentie-opbrengsten die hun blog genereert. Andere inkomsten op eigen initiatief zijn volledig voor rekening van de blogger.

Een leuk voorbeeld van het potentiële succes van Blogo.nl is Koken.Blogo.nl. De dame erachter, Karin Luiten, heeft naast een eigen kookwebsite ook onlangs een eigen kookboek uitgegeven naar aanleiding van het succes van haar blog en website.

User Generated Content draait om aandacht
Degene die zichzelf het meeste bloot geeft, krijgt de meeste aandacht van de groep. Het draait bij User Generated Content om aandacht.

Er vindt tevens een algehele verschuiving plaats van passieve consumptie via interactiviteit naar co-creatie. Hierbij wordt de betrokkenheid en loyaliteit van de consument groter en is er meer creattiviteit vereist van de adverteerder.

Er ontstaan ook steeds meer hybride vormen van content met een mix tussen professioneel gegenereerde content en content geproduceerd door consumenten, oftwel user generated content.

web 2.0 passive interactive co-creative

Toekomst: 2 soorten uitgevers
Ingaand op zijn eigen branche, die van de uitgeverijen, ziet Stephan Fellinger in de nabije toekomst overlevingskansen voor 2 soorten uitgevers, te weten:

1) content die toegevoegde waarde biedt waarvoor consument bereid is te betalen.
2) content die onvoldoende toegevoegde waarde biedt waarvoor consument niet wil betalen, waarbij er zeer kostenefficiënt gewerkt moet worden.

De meeste huidige uitgevers bevinden zich volgens de online media man van 2006 hier tussenin: content waar consument niet voor wil betalen, maar waarbij de uitgever wel de overheadkosten van een redactie etc. heeft.

Achtergrond, aanvulling en verdieping

Ik raad je zeker aan om ook eens te kijken naar de visie van de Italiaanse management consultant Luca Grivet (ook bekend als BizMogeek). In een mooie presentatie heeft hij dit onderwerp helemaal uitgediept, zoals FrankWatching onlangs uitgebreid beschreef.

Hij komt uiteindelijk tot een vijftal business modellen voor Web 2.0 services:
- Free
- Free to use, pay for related services
- Freemium
- Freedom to pay
- Nothing free

web 2.0 business modellen framework voorbeelden

Deels overlappend en deels aanvullend op dit artikel, maar zeker de moeite waard om eens door te lezen.

Ook kan ik je aanbevelen het onlangs geschreven driedelige artikel op Marketingfacts te lezen waarin ook uitgebreid wordt ingegaan op het business model van User Genereted Content:

- Wat is het business model voor User Generated Content? (deel 1)
- Wat is het business model voor User Generated Content? (deel 2)
- Wat is het business model voor User Generated Content? (deel 3)

Aanvullend daarop is het leuk om te zien hoe wereldwijd, verdeeld over de continenten, het gebruik van web 2.0 is. Een onderzoek van McKinsey brengt dit leuk in kaart.

YouTube + PowerPoint = SlideShare

logo-slideshareOp Marketingfacts.nl kwam ik een leuke post tegen over een nieuwe dienst: SlideShare.

SlideShare biedt je de mogelijkheid om powerpoint presentaties in je website te integreren, net als video’s bij YouTube. Ook kunnen de presentaties uiteraard makkelijk worden ‘ge-shared’ met iedereen.

Naast het invoeren van de titel en de omschrijving van de presentatie heb je de mogelijkheid om tags toe te voegen aan de presentatie, zowel voor navigatie doeleinden als indexatie doeleinden (en dus vindbaarheid in zoekmachines). Ook kunnen er comments worden geplaatst bij de presentatie.

Zie hieronder een voorbeeld voor een online presentatie met SlideShare:

User Driven Search

User Driven SearchUser Generated Content is geen nieuw begrip, YouTube, Flickr en MySpace zijn populaire voorbeelden, maar andere toepassingen ervan zijn wel nieuw. User Driven Search is daar één van.

Schrijver, journalist en consultant John Batelle heeft op zijn SearchBlog, die hij startte voor zijn boek The Search (kan ik je zeker aanbevelen!), een nieuw onderdeel toegevoegd: SearchMob.

Deze toepassing van User Driven Search laat bezoekers een artikel plaatsen. Vervolgens kunnen bezoekers stemmen op de diverse artikelen. Dit idee zien we ook bij Digg, Reddit, en Newsvine, alle overigens bedrijven van Federated Media (FM). De bezoekers die zoeken via deze websites, krijgen zoekresultaten geserveerd op basis van een combinatie van relevantie en het aantal stemmen. John Batelle maakt voor SearchMob gebruik van de open source software Pligg.

Wordt User Driven Search of User Driven Content dè manier voor content creatie en distributie van de toekomst? Ik weet het niet. Ik weet wel dat de eindgebruikers meer controle hebben over welke content ze tot zich nemen, genereren en verspreiden, maar gaat het de algoritmes van de zoekgiganten en andere contenverzamelaars verslaan?

Ook een discussie op webmaster world laat in ieder geval zien dat User Generated Content hot is. Wat mij betreft een goede discussie waard…